Nieuwsbrief Doen Wat Werkt 231

  • Een symbool van goede herinneringen
  • Computerprogramma’s helpen mensen om te verontschuldigen en vergeven 
  • Meer is niet altijd beter?
  • Oefening: Wat heb je geleerd?
  • Pap, ik heb een 8!
  • Oefening Schriftelijk Coachingsgesprek
Een symbool van goede herinneringen
Wanneer een dierbare is overleden kan het lastig zijn voor de nabestaande om goede herinneringen levendig in gedachten te kunnen houden. Soms komen vooral de nare herinneringen van de laatste zieke periode terug als de nabestaande denkt aan de dierbare overledene. Een tijdje geleden vroeg een cliënt me om haar te helpen om de nare herinneringen te kunnen "uitzetten" als ze aan haar overleden moeder dacht. Ik deed deze oefening met haar, die gebaseerd is op een oefening die ik tegenkwam in het boek van Yvonne Dolan. Ik noem het een symbool van goede herinneringen. De cliënt vertelde me dat het symbool van goede herinneringen haar erg hielp om de nare beelden los te kunnen laten en te ontspannen. Het symbool dat ze had gekozen hielp haar om zich de goede dingen weer te kunnen herinneren.

De oefening gaat zo:
  1. Ga lekker zitten of liggen en sluit je ogen
  2. denk aan een plaats waar je graag was vroeger. Een plaats waar je je kon ontspannen en je je veilig voelde. Een fijne plaats die je doet denken aan degene die je nu mist.
  3. Kijk eens om je heen. Wat zie je? Welke kleuren zijn er? Welk licht is er? Welke vormen zie je?
  4. Luister eens. Wat hoor je? Welke geluiden zijn er of is er juist geen geluid? Hoor je andere mensen? Hoor je geluiden uit de natuur? Hoor je muziek?
  5. Voel eens. Is het warm of fris? Is er wind? Hoe voelt je lichaam zich? Zit of lig of loop je?
  6. Geniet eens rustig van deze herinneringsplek, met alle beelden, geluiden en gevoelens. En voel alle spanning uit je wegtrekken, geniet van je innerlijke rust en verbondenheid met degene aan wie je denkt.
  7. Kies een symbool van je herinneringsplek. Het symbool kan een beeld, een woord of een waarneming zijn die prettig is. Welk symbool komt in je op?
Na afloop:
  1. Wat is het symbool dat je hebt uitgekozen?
  2. Wil je dit symbool eens tekenen? Eerst met je dominante hand en daarna met je andere hand?
  3. Herhaal dit tekenen zo vaak je wilt en keer daarbij in gedachten terug naar je fijne plek
  4. Als je je wilt ontspannen en goede herinneringen wilt koesteren kun je denken aan dit symbool

Computerprogramma’s helpen mensen om te verontschuldigen en vergeven

Gastbericht door Ben Furman

In de Verenigde Staten hebben artsen jarenlang het advies gekregen van advocaten om geen verontschuldiging aan te bieden wanneer patiënten over hen klagen. Een verontschuldiging, zo legden de advocaten uit, wijst op het toegeven van schuld en nodigt uit tot een rechtszaak over medisch wangedrag. Massachusetts was de eerste staat die in het midden van de jaren 80 een zogenaamde apology law aannam. Dit is een wet die bepaalt dat een verontschuldiging mag worden geuit tegenover een patiënt zonder dat dit in de rechtbank tegen de beroepsbeoefenaar mag worden gebruikt. Apology laws die wettelijke toestemming geven aan artsen om zich te verontschuldigen tegenover hun patiënten voor gemaakt fouten zijn sindsdien in de meeste staten in de USA aangenomen. Er zijn schattingen gemaakt dat deze wetten tot enorme besparingen hebben geleid door het aantal rechtszaken terug te brengen, door het aantal opgeloste zaken te verhogen en door de hoeveelheid besteed geld aan compensatie te verlagen.

Verontschuldiging is een sterk medicijn. Het heeft een effect op menselijke relaties en draagt bij aan het psychologische welbevinden van zowel het slachtoffer en de dader. Het herstelt de harmonie door boosheid en wrok weg te nemen. De positieve psychologie heeft de meesten van ons ervan overtuigd dat vergeving niet alleen heilzaam is voor het oplossen van conflicten maar daadwerkelijk een ingrediënt van menselijk geluk is. Benutten wij, als therapeuten en coaches, deze kennis ten volle? Moedig jij cliënten aan om zich te verontschuldigen voor het kwetsen van iemands gevoelens door hun acties of woorden? En wanneer je cliënt het slachtoffer is van wat iemand anders verkeerd heeft gedaan, coach je ze dan in de kunst van vergeving? Verontschuldigen en vergeving neemt dan wel niet een centrale plaats in in de oplossingsgerichte literatuur maar kan het aan ons trukendoos worden toegevoegd?

Vele jaren geleden ontwikkelde ik met mijn collega Tapani Ahola een programma voor scholen om om te gaan met wangedrag van scholieren. We noemden het programma “stappen van verantwoordelijkheid” en het was bedoeld om scholen een alternatief te bieden voor de gebruikelijke aanpak: leerlingen straffen. Het stappen van verantwoordelijkheidsprogramma legt uit dat verantwoordelijkheid nemen een proces in zes stappen is:
  1. praten over wat er gebeurd is,
  2. de consequenties van wat je gedaan hebt begrijpen,
  3. verontschuldigen,
  4. de schade herstellen,
  5. beloven om iets dergelijks niet weer te doen,
  6. en bijdrage leveren die andere kinderen ervan weerhoudt om vergelijkbare dingen te doen.
De bijbehorende website werd gepubliceerd door de National Education Board en is sindsdien vertaald in het Engels, Zweeds en Duits. Wij hoopten uiteraard dat de stappen van verantwoordelijkheid wereldwijd een populaire aanpak zou worden maar in werkelijkheid is de aanpak nu, zo’n 15 jaar later, niet breed bekend en slechts actief gebruikt door een beperkt aantal scholen.

Recenter hebben wij, samen met Lorenn Walker, een voormalig advocaat uit Hawaii, die zich tegenwoordig liever een ‘health educator’ noemt, een aantal computerprogramma’s ontwikkeld om mensen te ondersteunen in het uiten van verontschuldigingen en het bereiken van vergeving. Deze programma’s staan op www.apologyletter.org. De website bevat vier programma’s, allemaal gratis te gebruiken voor iedereen die geïnteresseerd is in verontschuldiging en vergeving, of het nou persoonlijk is of voor hun werk. De feedback van gebruiker is opvallend positief. Een gebruiker schreef bijvoorbeeld: “Ik wil jullie bedanken vanuit de grond van mijn hart voor de opzet van de verontschuldigingsbrief die jullie hebben aangereikt. Ik heb het als uiterst krachtig ervaren om mij over een pijn waar ik 20 jaar last van heb gehad heen te zetten.” Iemand anders schreef:

“Recent heb ik ruzie gekregen met een vriend van me die kritische en groffe opmerkingen heeft gemaakt en beslissingen die ik het genomen in mijn leven heeft gekleineerd (die trouwens allemaal een positief en gezond effect hebben gehad voor mij). Ik voelde dat dat haar kritiek ongefundeerd was en besloot uiteindelijk het onderwerp met haar te bespreken. Ze weigerde absoluut om haar verontschuldigingen aan te bieden wat nog pijnlijker voor mij bleek te zijn dan de oorsponkelijke groffe opmerkingen. Het vergevingsprogramma nam veel van de spanning weg die ik tegenover haar voelde door me voor te stellen dat zij er eindelijk aan toe was om haar fout toe te geven, zich te verontschuldigen en het weer goed te maken met mij. Alleen maar door me dat voor stellen ben ik er nu meer klaar voor om haar te vergeven (al heeft zij nog op geen enkele wijze aangegeven dat ze bereid is om haar verontschuldigingen aan te bieden). Wanneer we uiteindelijk weer over onze vriendschap zullen praten denk ik dat ik beter voorbereid ben om de principes van restorative justice toe te passen in plaats van uiting te geven aan mijn boosheid over haar weigering om haar verontschuldigingen aan te bieden. Ik kan gewoon niet geloven dat niemand iets dergelijks eerder heeft ontwikkeld. Het is ongelooflijk. Ga alstublieft door met uw onderzoek op dit gebied en nogmaals bedankt.”

We zijn benieuwd om te horen wat oplossingsgerichte professionals vinden van dit initiatief van het bouwen van een brug tussen oplosssingsgerichte therapie/coaching aan de ene kant en herstelrecht (restorative justice) aan de ander kant.

Literatuur
Does Sorry Work? The Impact of Apology Laws on Medical Malpractice Benjamin Ho and Elaine Liu. Johnson School Research Paper Series #04-‐2011. www.apologyletter.org

Meer is niet altijd beter?
De vraag “wat gaat beter” is een geliefde vraag in een oplossingsgericht coachingsgesprek. Soms kan een heel tweede gesprek draaien om die vraag. De cliënt noemt iets dat beter gaat en de coach vraagt door: wat ging er beter? hoe is je dat gelukt? wat leverde dat op? Hoe kun je dat benutten in de toekomst?
Cliënten kunnen vaak meer voorbeelden van wat er al beter gaat benoemen, dan je als coach in eerste instantie zou denken. De coach vraagt “wat gaat er beter” en dan “en wat nog meer?” en die vraag kan vaak herhaald worden.

Ik heb altijd gedacht dat het goed was om lang door te gaan met vragen naar wat er nog meer beter gaat. Ook als de cliënt na een aantal voorbeelden iets langer moet nadenken om met voorbeelden van wat er beter gaat te komen. Maar ik ben daar nu aan gaan twijfelen. Door de psychologie van de beschikbaarheid.
Paradoxaal genoeg is het namelijk niet zo dat hoe meer positieve voorbeelden de cliënt kan benoemen, hoe beter het is! Dat heeft te maken met de psychologie van de beschikbaarheid, die zegt …:
  1. Mensen geloven dat ze minder vaak fietsen als ze meer voorbeelden hebben moeten noemen waarin ze fietsten dan wanneer ze minder voorbeelden hebben moeten noemen waarin ze ergens heen fietsten.
  2. Mensen zijn minder zeker van hun keuze als ze meer argumenten moeten aandragen om hun keuze te onderbouwen
  3. Mensen zijn minder overtuigd dat een gebeurtenis vermeden had kunnen worden als ze meer manieren hebben moeten benoemen waarop de gebeurtenis vermeden had kunnen worden
  4. Mensen zijn minder onder de indruk van een auto als ze veel voordelen van de auto hebben moeten opnoemen
  5. Mensen die gevraagd is om 12 voorbeelden van hun eigen assertieve gedrag te geven, beoordelen hun eigen assertiviteit na afloop negatiever dan mensen die gevraagd wordt 6 voorbeelden te geven van hun eigen assertieve gedrag.
  6. Mensen die gevraagd is om 12 verbeterpunten aan te geven, beoordelen een training als beter dan mensen die gevraagd is om 6 verbeterpunten aan te geven.
Tegen-intuïtief nietwaar? Hoe werkt dit? Het blijkt zo te zijn: Mensen die voorbeelden moeten geven van wanneer ze hebben gefietst de afgelopen tijd, kunnen de eerste paar voorbeelden waarschijnlijk redelijk vlot bedenken. Maar na zes voorbeelden moeten ze zoeken naar nog meer voorbeelden. De vloeiendheid van het vinden van voorbeelden gaat ervan af. En hoewel ze misschien wel tot 12 voorbeelden kunnen komen, zit die moeite waarmee ze met voorbeelden konden komen ze dwars.

“Als ik zoveel meer moeite heb om voorbeelden te bedenken dat ik assertief was dan ik had gedacht, dan zal ik wel niet erg assertief zijn.”

En: als mensen na zes verbeterpunten hard moeten nadenken over nog meer verbeterpunten komen ze tot de conclusie dat de training dus blijkbaar goed was, anders zouden ze niet zoveel moeite hebben verbeterpunten te noemen.

Zou dit erop wijzen dat bij het vragen naar “wat gaat beter” je als coach het beste kunt stoppen met ernaar te vragen als de cliënt ietsje langer moet gaan nadenken over een voorbeeld? Zolang de voorbeelden van wat beter gaat vloeiend naar boven komen in het geheugen van de cliënt werkt het positief om erover te vertellen, maar zodra de cliënt meer moeite moet gaan doen om met voorbeelden te komen, dan werkt het juist contra-productief om door te vragen naar voorbeelden, zo lijkt de psychologie van de beschikbaarheid te zeggen.

Meer is dus niet altijd beter?

Oefening: Wat heb je geleerd?
Het komt regelmatig voor dat mensen goed worden in iets waarin ze eerder betwijfelden of ze er goed in konden worden. Denk eens aan een gebied waarin je vroeger weinig capaciteiten had maar nu goed in presteert. Schrijf eens op hoe het je gelukt is deze verandering te maken. Benut de onderstaande vragen daarbij.
  1. Waar presteer je nu goed in, terwijl je er vroeger weinig capaciteiten in had? 
  2. Waaraan merk je dat je er beter in bent geworden? 
  3. Hoe is het je gelukt om er beter in te worden? Hoe heb je het aangepakt? 
  4. Wat heeft met name goed voor je gewerkt om die verandering te maken? 
Was het nuttig om hierop te reflecteren?


Pap, ik heb een 8!
Laatst stuurde iemand ons de volgende vraag: “Mijn dochter komt thuis en zegt: “Ik had een 8 voor mijn dictee!”. Ik wil graag oplossingsgericht reageren. Heb je suggesties?”

Dit was mijn antwoord: Ja, herkenbare situatie, Coert en ik hebben hier ook veel over nagedacht. Zoon of dochter komt thuis met een laag of hoog cijfer en hoe reageer je dan oplossingsgericht? Carol Dweck's werk geeft al veel richting ten aanzien van een effectieve reactie. Zo weten we dat een persoonsgericht compliment (jij bent slim!) op het moment zelf wel tot een glimlach leidt maar op termijn faalangst en een fixed mindset stimuleert. Een procesgericht compliment zou een prima reactie kunnen zijn: "Ah, mooi resultaat, hoe kreeg je dat voor elkaar?" Dit leidt ertoe dat de aandacht van je dochter naar het proces en haar aanpak wordt getrokken.

 Ik verleg de aandacht ook graag van het cijfer naar de inhoud van wat er is geleerd. Dus als het gaat over een dictee zou ik kunnen vragen: "Welke moeilijke woorden zaten er in het dictee?" of "Waar ging het dictee over?" of "Ah, welk woord kun je nu wel schrijven dat je eerder nog niet kende?" Zo gaat de aandacht van je dochter naar wat ze heeft geleerd en interessant vond (intrinsieke motivatie) in plaats van naar het cijfer (extrinsieke motivatie).


Oefening Schriftelijk Coachingsgesprek
Vandaag deden wij in de opleiding oplossingsgericht coachen de oefening ‘schriftelijk coachingsgesprek’ (© 2012, www.noam.nu). In de oefening ‘schriftelijk coachingsgesprek’ proberen we twee dingen uit die bij oplossingsgericht werken meestal erg bijdragen aan het bereiken van een nuttig gesprek:
  1. tekstgerichtheid: je luistert goed naar wat je cliënt zegt en gebruikt de sleutelwoorden van de cliënt. Je verandert de woorden van de cliënt niet en hoeft niet tussen de regels door te lezen. Je werkt alleen met wat de cliënt zegt. 
  2. go-slow: haastige spoed is zelden goed en dat geldt bij uitstek bij oplossingsgericht werken. Als cliënten rustig de tijd hebben om na te denken en hun gedachten onder woorden te brengen gaan gesprekken vaak goed. 
De oefening gaat als volgt: De cursisten vormen tweetallen. De ene persoon is de coach, de ander brengt een veranderbehoefte in. Zowel de coach als de cliënt zeggen niets tegen elkaar en communiceren alleen schriftelijk met elkaar. Gebruik daarvoor een vel papier. De coach kan pas weer aansluiten en doorschakelen wanneer de cliënt het papier teruggeeft. Uiteraard kun je als coach alle gebruikelijke oplossingsgerichte technieken en principes gebruiken. Tijd: 30 minuten

Reflectie: na afloop kregen de cursisten de gelegenheid om te reflecteren op de oefening. Over het geheel genomen vonden de cursisten het interessant en leerzaam om op deze manier te experimenteren. Naast duidelijke voordelen ervoer men ook enkele nadelen. Hier is wat zij naar voren brachten: 
  • Er komt een behulpzame traagheid in de interactie waardoor je het nuttig en doelgericht kunt houden. 
  • Veel rust. Je wordt gedwongen kleine stapjes te zetten in je vraagstelling. Hierdoor blijf je dichtbij de cliënt. 
  • Het geeft mij meer de tijd om te bedenken welke vraag ik wil stellen. Het proces gaat net een stapje langzamer. 
  • Makkelijker om haar woorden te gebruiken – ze staan er. 
  • Opgeleverd: rust en goed nadenken over je woorden. Je mist nonverbale communicatie. Dat vind ik een gemis. 
  • Prettig! Tijd te hebben! 
  • Voelde rust in het gesprek! Als de ander schreef, dacht ik verder, vaak ook al in de richting van een oplossing. 
  • Dwingt meer om essentie aan te geven. 
  • Leverde inzicht op hoe online coaching zou zijn, kan zeker werken. Heeft ook voordelen: nog makkelijker dingen uitspreken, rust om te reageren. 
  • Structuur =strakker -> minder ruis of afleiding naar mijn idee. 
  • Je moet nog meer nadenken over wat je schrijft, kort en bondig en duidelijk. 
  • Go slow zit er wel in. Je hebt ook meer bedenktijd als de ander schrijft. 
  • De richting van de vragen is nog belangrijker want je hebt geen herkansing. 
  • Als coachee lekker afhankelijk en hulpeloos opstellen. Brengt me uiteindelijk geen stap verder. Aan de hand van de interventies van de coach word ik aan het werk gezet + veel denktijd. 
  • Herhaling in eigen woorden komt meer gekunsteld over dan in een gesprek. 
  • Mis nonverbale zaken. Daardoor onzekerheid over juiste spoor. 
  • Erg leuk maar lastig. Ook frustrerend. We zijn nauwelijks een stap verder. Ik wil helpen maar kreeg vaak een defensieve reactie terug. Dit had ik niet verwacht.

4 reacties, click hier om uw reactie toe te voegen:

  1. Prachtig stukje over 'meer is niet altijd beter;. Zelf merk ik dat het eerste enthousiasme weg vloeit als je nog meer 'moet' bedenken en dit moeilijker gaat. Als iets moeilijk gaat, wordt het ook minder leuk en misschien activeert dat ook andere negatievere gedachten. Enfin, leuk onderwerp.

    Wilga Janssen - trainer|coach

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Gewoon de nieuwsbrief doorlezen is altijd een opkikker en biedt steeds weer inspiratie!

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ben zo blij dat ik deze nieuwsbrief krijg en kan lezen. Hulpverlening/ondersteuning met een glimlach rond mijn mond.

    BeantwoordenVerwijderen